
09-06-2026
Wilma Licht
Ze had alles mee: ervaring, talent, erkenning. En toch zat ze klem. ‘Ik wil even tegen je aanpraten,’ zei ze.
Al maanden werkte ze aan een project dat haar op het lijf geschreven was. Grootser dan alles wat ze ooit had gedaan. Een samenwerking met meerdere partners. Een droomkans.
Ze zat al dertig jaar in het vak. Haar scherpe blik, creativiteit en doortastendheid werden alom geprezen. Ze hoefde nooit te zoeken naar opdrachten—ze moest ze juist afwijzen.
Tot vorige week.
De laatste stap: het zetten van de handtekeningen.
En toen kwam het: één van de partners eiste een diploma.
Een diploma?!
Haar ervaring sprak toch voor zich? Juist dát was wat haar al die kansen had opgeleverd.
Ik moest denken aan mijn eerste baan.
Met moeite geslaagd voor mijn secretaresse-opleiding.
Maar voor ik m’n diploma had, werkte ik al fulltime.
Een collega zei: ‘Vergeet wat je op school leerde. Ik leer je het echte vak.’
En dat deed ze.
Ik leerde, groeide, werd goed in wat ik deed. Werk vond mij.
Tot ik het plafond raakte.
Ik begon voor mezelf. Groeide verder.
Zonder diploma. Met overtuiging.
Wat zeg je dan tegen iemand die vastloopt—niet omdat ze het niet kan, maar omdat ze het papiertje niet heeft?
Wat zeg je dan tegen iemand die vastloopt—niet omdat ze het niet kan, maar omdat ze het papiertje niet heeft?
Misschien is het op zo’n moment niet de vraag wat een ander vindt. Maar welke vraag jij jezelf stelt.
Als het schuurt.
Als je ineens niet verder kunt.
Dus ik stel haar de vraag:
Met wie wil jij het liefst samenwerken?
Met mensen die alleen een papiertje zien?
Of met mensen die zien wie je bent en wat je waard bent?
Soms moet je slikken. Even schakelen.
Maar blijf bij jezelf.
De juiste mensen kijken verder dan een cv of diploma.
En ik geloof: als iets niet doorgaat, ligt er iets anders op je te wachten.
Iets wat wél past.